Categoriearchief: Binden

Binden met Martin Westbeek.

Op 27 februari was de 2e bindavond van dit jaar met Martin Westbeek als voorbinder. De vlieg die hij voorbond was de Tilt Wing Dun, een droge vlieg. Het was weer gezellig druk, ondanks dat er een paar afmeldingen waren. Nadat het bindmateriaal was uitgedeeld bond Martin eerst de vlieg helemaal voor, zodat we konden zien hoe deze werd opgebouwd. Ook de technieken die nodig waren werden  toegelicht. Daarna konden we zelf ook aan de slag en bonden we met hem mee.
Nadat de haak in de vice was geplaatst, dit was de F-100BL #12 van Fasna, werd de olive binddraad #8 opgezet. Als eerste werden 6 fibers van coq de leon als staartje ingebonden. Het staartje was daarbij even lang als de haaksteel. Daarna was het lijfje aan de beurt, dit was Body Fly in de kleur olive dun van het merk Textreme, dat is een mooi wat glimmend synthetisch materiaal welke dun werd gebonden. Het voordeel van synthetisch materiaal is dat het geen water opneemt.

Aansluitend volgde de vleugel. Dit was gebleekte early season elk hair. Een plukje daarvan werd in de hair stacker geplaatst, waarop hij zachtjes tikte, dus geen herrie door er hard mee op de tafel te slaan, waardoor de puntjes allemaal mooi gelijk kwamen te liggen. Nadat deze voorzichtig uit de hair stacker waren gehaald hield hij die eerst bij de puntjes vast. Daardoor was de pluizige ondervacht welke tussen het haar aan de dikke zijde zit goed zichtbaar. I.p.v. deze eruit te kammen, blies hij deze eruit, dat werkte voortreffelijk. Het inbinden van de elk hair als vleugel, is eigenlijk het moeilijkste van deze vlieg. Deze dient namelijk mooi boven op de haak te liggen en goed vast te zitten. Hij hielt daarbij de vleugel strak vast in de linker hand boven op de haaksteel, de lengte was tot net voorbij de haakbocht. Als eerste legde hij er een wikkeling met de binddraad los omheen, en de 2e trok hij stevig omhoog aan. Let daarbij op dat je de draad niet kapot trekt. (Dat overkwam Martin dus ook.) Daarna volgde er nog een paar strakke wikkelingen over de vleugel en daarna afgewisseld met wikkelingen onder de vleugen bij het haakoog. Daardoor kwam de vleugel goed vast te zitten en kon hij deze los laten. Daarna werden er nog een aantal wikkelingen afwisselend over de vleugel en achter onder de vleugel gelegd waar deze wat omhoog kwam te staan. Ook de lange uiteinden van de elk hair die over het haakoog staken werden omhoog gezet. Tijdens het binden liep Martin regelmatig rond om te kijken of het bij iedereen lukte, en daar waar nodig hielp hij, of gaf extra tips.
Vervolgens was het splitsen van de binddraad aan de beurt. Hier bestede hij extra aandacht aan omdat dit vaak niet meevalt. In de fabriek worden de vezels van de binddraad linksom, met de wijzers van de klok mee opgedraaid waardoor de draad rond wordt. Om dit ongedaan te maken dien je de bobinholder met de draad dus linksom, tegen de wijzers van de klok in, te laten draaien. Om de draad vervolgens plat te maken, trek je deze over een voorwerp heen waardoor de vezels naast elkaar komen te liggen en je deze net een scherpe naald in tweeën kan splitsen over een lengte van een paar centimeter. In de ontstane lus werden de fibers van een cdc veer, dus zonder de stam, gezet en vervolgens werd de bobinholder linksom, met de wijzers van de klok mee, gedraaid waardoor de fibers vast kwamen te zitten. De draad met de cdc fibers werd daarna aan de bovenzijde van de haak om de omhoog staande elk hair gewikkeld. Deze cdc doet dus dienst als pootjes van de vlieg. tenslotte werd de binddraad bij het haakoog afgebonden. Nadat het overtollige elk hair bij het haakoog niet te kort was afgeknipt, was de Tilt Wing Dun klaar.



Dat was dan ook het moment om even pauze te houden en van een drankje te genieten. Omdat er behoorlijk wat technieken in deze vlieg verwerkt zijn bonden we deze droge vlieg allemaal nog een keer, en zoals verwacht zag deze 2e er veel beter uit!
Daarmee kwam deze geweldige bindavond tot een eind. Martin super bedankt.

KVVC Bindavond en vissen in de regio

Op 23 januari verzorgde Feitse Bootsman de clubavond welke bestond uit hoe te vissen in de regio op het water van Federatie Dommelvisrecht, en het binden van nymphen die daarvoor gebruikt kunnen worden. Het eerste deel was aan de hand van een presentatie. Feitse vist daar met lichte buigzame hengels AFTMA #2 of #3 en goed opgebouwde leader met een tippit van 10 of 12/100.   Het beetverklikkertje was gemaakt van een pauwenveer. Deze dient vooraf op de leader gemonteerd te worden, maar door het lichte gewicht zorgt dit voor weinig “spray” bij het landen op het water wat nodig is om de schichtige vissen niet direct al te verjagen.
Daarna begonnen we met binden. Hij gebruikt voor de nymphen langstelige haken variërend van maat #16 tot #20. De beats zijn van messing met een diameter van  2 en 2,3 mm, en zoals hij zij, er dient een glimmertje in te zitten.

Als eerste was de BRASSIE aan de beurt. (Zie linker foto) De langstelige haak met bead werd in de vice geplaatst en de oranje UTC 70 draad werd opgezet en gewikkeld tot in de haakbocht. Koperdraad van 0,1 mm werd vanaf de bead, tot voor de haakbocht om de haaksteel gewikkeld. De oranje binddraad hing nog in de haakbocht en werd tussen de wikkelingen van de koperdraad door naar de bead gebracht. Op de koperdraad wikkelingen kwam UV Resin welke met de UV lamp werd uitgehard, waardoor een glimmende laag ontstond. Vervolgens zette hij wat glimmende spectrablend dubbing op de draad en wikkelde deze met een paar wikkelingen om de haaksteel net achter de bead. Na het afbinden kamde hij de bubbing uit. De Brassie was klaar binnen een paar minuten.

De tweede nymph was de PHEASSIE. (Middelste foto.) De haak, bead, en binddraad waren hetzelfde als bij de BRASSIE, de draad werd ook gewikkeld tot in de haakbocht. Daardoor krijgen de nymphen een mooie opvallende oranje “bud” / kontje. Daarna werd koperdraad ingebonden richting haakbocht en een pearl tinsel richting haakoog. Nadat het staartje van fazantenveer fibers was ingebonden bracht hij de binddraad naar de bead, waarna de rest van de fazantenveer fibers om de haaksteel gewikkeld werden tot de bead als body. Vervolgens vouwde hij de pearl tinsel over de rug terug tot aan het begin van het staartje, en werd deze vast gezet met de koperdraad die als ribbing naar de bead werd gewikkeld. Na het aanbrengen van dubbing direct achter de bead kon er worden afgebonden.

Als laatste bond Feitste de MP 133, waarbij de bead verkeerd om, dus met grote gat bij de het haakoog op de haak werd opgezet. Deze schitterende nymph is moeilijk te beschrijven maar op youtube bind Marc Petitjean hem perfects voor. (Zie rechter foto.)

Ter afsluiting gaf hij aan wel op avonden te willen laten zien waar en hoe te vissen op de beken, dat gaat dus gepland worden. Het was een goed verzorgde avond door Feitse. Thanks !

Bindavond met Peter Elberse.

We hadden Peter Elberse uitgenodigd om op 31-10-2024 als demobinder een snoekstreamer voor te komen binden. Peter is geen onbekende in de vliegviswereld, hij was al meerdere keren Nederlands kampioen, heeft zelfs een eigen team: Elbi’s Airflo Angels. Daarnaast heeft hij een eigen groothandel en webshop voor vliegvismaterialen. (http://www.flyfishingforpike.com)
Nadat Peter zich had voorgesteld, bekeken we zijn bindvideo op Youtube “Big Flashy Perch” (Youtube video)

Dit is dezelfde snoekstreamer die hij ook bij ons kwam voorbinden. Het leek even een korte avond te worden, want op Youtube duurde het filmpje maar 9½ minuut, maar zoals hij al zij, hij heeft deze al honderden keren gebonden!
Peter had de bindavond perfect voorbereid, iedere binder kreeg een zakje met daarin al het benodigde materiaal inclusief een folder van Fly Fishing For Pike, visitekaartje en een schitterende aanzichtkaart.
Normaal wordt de hele bindwijze hier beschreven, maar dat is nu niet nodig omdat die te zien is op de Youtube video, inclusief het gebruikte materiaal.

Daarom hierbij alleen de extra aandachtspuntjes. Begin niet te ver naar achter, maar net iets achter het midden van de haaksteel met het inbinden van het eerste witte synthetische pike hair, ander kom je op het einde niet goed uit bij het haakoog. Na het inbinden van ieder materiaal lakte hij dit af voor de stevigheid. Een snoek heeft tenslotte veel tandjes waarmee hij aan de streamer kan trekken, de streamer wordt hierdoor duurzamer. Ja het woord van de avond was

 lakken, lakken en nogmaals lakken! Nadat al het pike hair was opgebonden was het plaatsen van de soft head aan de beurt. Hij bracht eerst voldoende E6000 lijm aan, vervolgens kneep hij gelijktijdig boven en onder op de soft head, waardoor de opening ronder, en daarmee groter werd en deze gemakkelijker over de lijm geplaatst kon worden. Peter liep de hele avond rond om te kijken hoe het bij iedereen ging, en te helpen daar waar nodig.

Daarna waren de ogen aan de beurt, let op, een setje ogen bestaat uit een linker en rechter oog! Bij de afwerking hoorde het aanbrengen van de baarsstrepen op beide zijden met een watervaste stift, naar let op! niet op het wit. Als laatst werd de streamer uit de vise gehaald en in vorm gemoduleerd. Het resultaat was een streamer van maar liefst 23cm. Na op de klok gekeken te hebben had dit dus veeeeel langer dan 9½ minuut geduurd. Maar er was voor degene die dat wilde nog wat over tijd om er zelf nog 1 te binden.

Peter had behalve bindmateriaal ook zijn hengels en andere vis benodigdheden mee gebracht. Aan de hand daarvan kon hij laten zien hoe met deze “Big Flashy Perch” te vissen.
Peter bedankt, voor deze geweldige bindavond.

Binden met Ton Cremers.

Op 26 september stond de Woolly bugger op het programma van de demobinder Ton Cremers. Hij begon de avond met een presentatie over de historie van deze allround streamer die in veel gevallen een leech of klein visje imiteert. Ook het te gebruiken materiaal en de kwaliteitverschillen in met name de marabou zoals die door winkeliers wordt aangeboden kwam aan de orde.
Ook had hij 2 duidelijke doelen voor ogen deze avond. Het staartje dient netjes te worden ingebonden, en de 2 vliegen die we gingen binden diende identiek te zijn. Er is niets zo irritant als dat je een aantal vliegen in de doos hebt zitten die allemaal net wat anders zijn en je dus moet gaan kiezen, uiteraard afgezien van de verschillende haakmaten. (#10 t/m #4.)

Deze avond bonden we op een forse #4 haak. Als eerste werden er 10 of 12 wikkelingen witte binddraad 6/0 keurig naast elkaar gelegd achter het haakoog. Dit markeert het deel waarop hij in eerste instantie niet gaat binden, maar vrijhoudt om op het einde het kopje netjes te kunnen maken.  Door op deze manier een vast aantal wikkelingen te leggen worden de vliegen uiteindelijk dus allemaal hetzelfde. Achter de witte wikkelingen werd zwarte binddraad opgezet waarmee de streamer verder werd gebonden.
Van de olive blood quill marabou gebruikte hij alleen het gedeelte boven de stam van de veer, dus het tipje, dat deel is het meest zacht waardoor de streamer een mooie actie krijgt bij het binnen vissen. De veer werd boven op de haak gebonden beginnend ter hoogte van de weerhaak, of plaats waar die hoort te zitten. Om een mooie volle staart te krijgen herhaalde hij dit met een 2e marabou veer. Het staartje kreeg daarna dezelfde lengte als de haaksteel maar werd niet op lengte geknipt, maar gescheurd.

Vervolgens werd een dunne zilverkleurige metaaldraad ingebonden vanaf de witte wikkelingen tot het begin van het staartje ook weer boven op de haak. Het uiteinde daarvan liet hij daar hangen. Daarna was de olive kleurige chinille aan de beurt. Vaak komt er ter hoogte van het staartje een dikke bobbel omdat er 2 lagen over elkaar komen te liggen. Om dat te voorkomen trok hij over een lengte van 2 centimeter de gekleurde fibers uit de chenille, waardoor alleen de dunne kern over bleef. Deze bond hij aan de bovenzijde op de haaksteel vanaf het witte deel tot aan het begin van het staartje waarna de binddraad weer naar voor werd gebracht. De chenille werd daarna met gesloten wikkelingen richting haakoog gebracht en bij het witte deel met de binddraad vast gezet en afgeknipt. Daarna was de hackle veer aan de beurt. De fibers van de juiste veer hebben een lengte tot de haakpunt indien je deze om de haaksteel wikkelt. Hij tekende op de skin af op welke plaats hij de veer eruit gehaald had, zodat hij op dezelfde hoogte een volgende kan pakken. Ook dit weer om alle vliegen hetzelfde te kunnen binden. De veer werd net voor het witte deel met de stam ingebonden, daar is de veer dus het breedste, en met een vast aantal open slagen, bijvoorbeeld 7, om de haaksteel gewikkeld tot het begin van de staart. De dunne metaaldraad die daar nog hing werd in tegengestelde richting met open slagen om de haaksteel tot het witte deel gewikkeld waardoor de veer vast kwam te zitten. Dit deed hij voorzichtig, zodat er zo min mogelijk fibers van de veer plat werden gebonden. Nu kon er op het witte deel een mooi kopje worden gemaakt waarna de binddraad werd afgebonden en het kopje afgelakt waarmee de eerste woolly bugger klaar was.

Daarna kon iedereen er nog 1 binden, die uiteraard exact hetzelfde diende te worden, al viel dat niet mee!  Als laatste vertelde Ton nog dat er uiteraard gevarieerd kan worden door bijv. looddraad of een messing of tungsten kraal als verzwaring te gebruiken, de chenille te vervangen door ice dubbing of te werken met verschillende kleuren etc.
Het was een super bindavond  Ton bedankt!

 

KVVC Bindavond vliegen spuitgieten.

Het vliegbinden is erg diverse, maar op 25 april zijn er onder begeleiding van Dion Wijnen wel op een heel speciale manier streamertjes gemaakt, namelijk vliegen spuitgieten! 
Het was duidelijk merkbaar dat deze laatste bindavond van het voorjaar in de schoolvakantie viel, er waren zowel minder aanmelding, en ook nog wat afmeldingen, waardoor we met een kleinere groep waren dan normaal.
Het idee van het vliegen spuitgieten komt vermoedelijk van Theo Bakelaar. Dion heeft ook een mal gemaakt voor de Partridge JS Sea streamer #10 en andere maten. De streamers zijn bijv. goed inzetbaar op zoutwater voor zeebaars, maar ook polak is er niet vies van.


Als 1e wordt er binddraad op de haak gezet. Omdat de het spuitgietmateriaal doorzichtig is, blijft deze kleur van de body zichtbaar. In bovenstaand foto bij nr.1, is dat groen. Vervolgens werden beide delen van de mal met een kwastje ingesmeerd met babyolie wat ervoor zorgt  dat de vlieg na het spuitgieten los kan komen uit de mal. De haak wordt in de mal gelegd, nr.2, en de mal wordt gesloten en in een kleine bankschroef of lijmklem geplaatst. De mal heeft 2 gaten aan de bovenzij. In het ene gat wordt de lijm / gietmateriaal er met een lijmpistool ingespoten, net zo lang totdat die er bij het 2e gat uit komt. Op dat moment is de mal namelijk geheel gevuld. Vervolgens wordt de vlieg uit de mal gehaald, nr. 3, en de overtollige lijm verwijderd, nr.4.



Nu was het zover dat de vlieg in de bindvice geplaatst kom worden. Nadat de binddraad achter de body was opgezet kon de staart erop gebonden worden, dit kan bijv. marabou, of een ander soort veer zijn, maar ook synthetisch streamer materiaal. Daarna werden de oogjes erop geplakt en kon de streamer eventueel met stift nog wat extra kleur krijgen.



De hele procedure was duidelijk door Dion uitgelegd, en degene die nog extra streamertjes wil gieten, kan hiervoor de mallen bij Bert lenen. (Partridge JS sea streamer #4 en #10.)

Dion bedankt voor deze de gezellige en leerzame avond.

KVVC Bindavond Ardennen vliegen

Op 28 maart was Paul van de Sande de voorbinder op de KVVC bindavond.

De vorige keer was in 2019 waarbij hij toen schitterende snoek streamer bond. Dit keer iets heel anders, droge Ardennen vliegen, maar zoals hij zelf direct zij, die doen het zeker ook in Duitsland bijv. op de Kyll. Paul is de eigenaar van Fly Scene (http://www.flyscene.be/) en distributeur van o.a. de merken Vision, Fly Scene, en producten die hij zelf ontwikkeld en produceert. Speciaal voor deze avond had Paul voor alle aanwezige setjes met alle benodigde bindmaterialen en zelfs tooltjes samengesteld!



Na een algemene introductie van het vissen in de Belgische Ardennen, en het te gebruiken
materiaal en vistechnieken kon het binden beginnen. Het was erg druk, maar direct muisstil in de zaal. Alle vliegen werden gebonden op de Tunca Expert, barbless wide gape dry fly haak maat 16. Als binddraad gebruikte Paul UTC 70 (=8/0) binddraad omdat dit een multifilament niet getwiste binddraad die goed te splitsen is.

De kleur van de binddraad kiest hij altijd hetzelfde als die van de te gebruiken dubbing kleur van het lichaam. De eerste vlieg was de V-Merger (foto 1) welke met name gebruikt wordt om te kijken of de vissen gaan stijgen op een droge vlieg, of dat er toch beter met nimfen gevist kan gaan worden. Nadat de tan kleurige draad was opgezet en tot net voor de haakbocht was gebracht werd de draad gesplitst. In de ontstane grote lus bracht Paul behoorlijk veel dubbing in de kleur Chinchilla aan waarna de lus met een dubbing twister werd gesloten. Deze draad met dubbing werd vervolgens om de haaksteel tot net voor het haakoog, na iedere wikkeling de dubbing naar achter en tot boven de haaksteel brengend. De vlieg werd daar al afgebonden. De fibers aan de onderzijde van de haak werden weg geknipt. Als variant wordt ook wel eens een klein staartje van lavender angel hair ingebonden.



Daarna was de Iron blue dun aan de beurt (foto 2). De binddraad was UTC 70 in de kleur dun. Paul  begon met het inbinden van het staartje van grijs / wit gestippelde coq de leon welke even lang was als de haaksteel. Daarna volgde een “bud” (kontje) van wijnrode binddraad. Vervolgens werd de binddraad gesplitst, de SFL Squirrel Dubbing Grey Natural in de lus aangebracht, getwist, en taps als lijfje tot 3mm voor het haakoog om de haaksteel gewikkeld. Er werden 2 of 3 CDC Blue Dun veertjes recht op elkaar gelegd in de klem, waarna hij deze dicht langs de stam van de veer knipte, en alleen de fibers achter bleven in de klem. Nu zaten de fibers verdeeld over de hele breedte van de klem. Om ze allemaal op een klein stukje van de klem te krijgen, opende hij heel voorzichtig de klem een heel klein beetje. Nu was er net genoeg ruimte dat de punt van een spelt er tussen paste om de fibers naar elkaar te duwen, zonder dat deze eruit vielen! De fibers werden uit de klem gehaald, en naar voor gericht boven op de haaksteel ingebonden. Daarna werden ze terug gevouwen en werden er een aantal wikkelingen van de binddraad voor gelegd, waardoor de ontstane vleugen mooi rechtop bleef staan. Nu was de thorax aan de beurt. De draad werd opnieuw gesplitst, voorzien van een kleine hoeveelheid Master Dub Adam Grey, getwist, waarmee een paar wikkelingen voor de vleugel werden gelegd. De Iron blue dun was nu klaar en kon worden afgebonden. De omschrijving is lang, maar deze vlieg is binnen een paar minuten te binden.

I.p.v. de Iron blue dun nogmaals te binden, gebruikte Paul dezelfde volgorde en technieken (zonder “bud”)  maar met andere kleuren, waardoor het andere vliegen werden. (Uiteraard horen ze eigenlijk wel verschillende maten te hebben, maar dat maakt voor de bindtechniek uiteraard niet uit.) De betreffende vliegen zijn hieronder afgebeeld, en de gebruikte materialen / kleuren, zijn in de tabel vermeld. Blue dun (foto 3), Blue wing olive (foto 4) en PWO Pink wing olive (foto 5).

Uiteraard kon in het rijtje van droge vliegen een sedge niet ontbreken. Dit was dus tevens de laatste vlieg van de avond. De binddraad in de kleur tan, werd opgezet en tot aan de haakbocht gebracht. Daar werd de binddraad gesplitst en voorzien van Master Dub Tan, getwist, en taps als lijfje tot 3mm voor het haakoog om de haaksteel gewikkeld. Daar werd een henneveer (soft hackle) ingebonden, en zo ver naar voor getrokken tot de vleugel de gewenste lengte had. De binddraad werd opnieuw geplitst. Er werden 2 CDC Natural Grey veren op elkaar gelegd in de klem waarna de stam eraf werd geknipt. De fibels bleven nu wel verdeeld over de hele klem zitten en werden zo in de lus gezet waarna de lus met de dubbing twister werd gesloten. De draad met CDC fibers werden met een paar slagen om de haaksteel gewikkeld waardoor o.a. de pootjes ontstonden en de sedge kon worden afgebonden.

Het was een super bindavond die tegen 11:00u ten einde liep. Het was van wereld klasse, Paul bedankt,